The Bill of the Rescue
When China Sneezes, the World Gets Sick
Every economic crisis starts with the same chorus:
“The system must not collapse.”
And it always ends the same way:
the taxpayer picks up the bill.
In 2008, it happened in the United States with TARP —
the Troubled Asset Relief Program, supposedly designed to save the economy.
In reality, it was the beginning of a global habit:
governments acting as bad banks,
Wall Street’s garbage men.
Profits remained private,
losses were socialized.
Now it’s China’s turn.
Its real estate bubble is bursting,
local governments are drowning in debt,
and the central bank is pumping billions of yuan into the system.
It sounds technical, but it’s really simple:
they’re printing money to preserve the illusion of stability.
It works — for a while.
Until it doesn’t.
China’s economy is massive.
If something breaks there,
the entire world feels it —
European exports,
African commodities,
the ports of Rotterdam.
The globalization of growth has become
the globalization of fragility.
“When China sneezes, the world gets a fever.”
The irony?
We built this system ourselves.
We outsourced production,
increased dependency,
and now act surprised
when the source of our comfort starts to crumble.
And who pays the price?
Not the policymakers.
Not the banks.
But the people who work, save, pay taxes,
and quietly watch their money lose its value.
“They cover the hole with our blankets.”
We can keep rescuing crises with new money,
but one day there’ll be nothing left to borrow,
and no one left to believe.
Maybe it’s time to stop rescuing,
and start healing —
by putting truth above profit,
and letting value come again
from real work and honest money.
#Money #bailout #chkn #bitcoin #economie

De Zure Appel
Apple is vergeten voor wie ze hun telefoons maken.
Wat ooit begon als een droom van vrijheid — technologie in dienst van de mens —
is verworden tot een glimmend ecosysteem van controle, abonnementen en verslaving.
Het eerste hapje is er al uit.
Wat ooit symbool stond voor kennis en vernieuwing,
is nu het teken van gemak en gehoorzaamheid geworden.
De appel glanst nog, maar van binnen begint hij zacht te worden.
Als Apple niet bijstuurt, dan wordt het een zure appel.
Je ziet het bij alle grote namen: Nokia, BlackBerry…
ze dachten dat hun succes vanzelfsprekend was,
tot de wereld veranderde en zij het niet zagen.
De klok tikt al richting het klokhuis,
daar op het kerkhof der grote merken
waar ooit ook idealen rustten.
De ironie is dat Apple, het merk dat ooit zei “Think different”,
nu vooral wil dat we hetzelfde denken —
via dezelfde kabels, dezelfde cloud,
en dezelfde updates die onze vrijheid langzaam vervangen door gebruiksgemak.
Toch is het nog niet te laat.
Want elke appel die rot dreigt te worden,
kan opnieuw geplant worden als zaad.
Misschien moet er eerst iets afsterven
voordat de mens weer centraal komt te staan.
#apple #bitcojn #free #Think different

De waarheid die verdwijnt zodra we haar benoemen
We leven in een wereld die hunkert naar zekerheid. Politici schermen met cijfers, wetenschappers presenteren data, bedrijven beloven objectieve rapporten. Alles lijkt meetbaar, kwantificeerbaar en controleerbaar. Maar hoe harder we de waarheid willen vastleggen, hoe sneller ze ons ontglipt.
Lao Tse zei het al meer dan tweeduizend jaar geleden: “De Dao die benoemd kan worden, is niet de eeuwige Dao.” Zodra we het mysterie van het leven in woorden vangen, reduceren we het tot een concept. De kaart wordt verward met het landschap, de echo met de stem. Wat overblijft, is een afgesneden versie van de werkelijkheid — hanteerbaar, maar nooit volledig.
Toch klampen we ons eraan vast. Want consensus voelt veilig: dit is hoe het zit. Tot er een nieuw inzicht komt dat alles op losse schroeven zet. Vaak wordt dat nieuwe inzicht niet verwelkomd, maar bestreden. Niet omdat het per se onwaar is, maar omdat het gevaarlijk is voor gevestigde belangen. Denk aan Galileo die zag wat niet gezien mocht worden, of aan Pasteur, wiens kiemtheorie zo fundamenteel is geworden dat het haast ondenkbaar is dat er ooit een correctie op volgt. Waar waarheid ooit een proces was, wordt ze zo een dogma.
En juist daar gaat het mis. Want waarheid die vastgezet wordt, verstikt vooruitgang. Data is nooit absoluut: de harde data van gisteren kan de zwakke data van vandaag zijn. Consensus is niet meer dan een tijdelijke afspraak, altijd onder voorbehoud van nieuwe inzichten. Het systeem verdedigt vaak zichzelf, niet de waarheid.
Misschien moeten we accepteren dat er geen absolute waarheid bestaat zolang we het leven zelf niet begrijpen. Dat klinkt ongemakkelijk, maar het is ook bevrijdend. Het nodigt ons uit om open te blijven, om niet te hechten aan wat vandaag zeker lijkt, maar ruimte te laten voor wat morgen onthuld kan worden.
De enige echte waarheid is misschien wel dit: dat de waarheid nooit bezit kan worden. Ze leeft in het mysterie, voorbij de woorden. En wie dat beseft, hoeft niet bang te zijn voor twijfe
Data, consensus en de macht van het gelijk
We spreken vaak over harde data, alsof cijfers en grafieken de werkelijkheid vastspijkeren in beton. Maar data is nooit harder dan de context waarin ze verzameld wordt. Het is een momentopname, een consensus van toen. Wat gisteren overtuigend bewijs leek, kan vandaag alweer wankelen onder nieuwe inzichten.
Wetenschap is in wezen geen verzameling waarheden, maar een proces. Een voortdurend spel van meten, twijfelen, corrigeren en opnieuw beginnen. Toch behandelen we consensus vaak alsof het de eindbestemming is. Zodra een meerderheid of een machtig instituut zegt: dit is de waarheid, wordt twijfel al snel gezien als gevaar.
En daar wringt het. Want nieuwe inzichten komen zelden op een geschikt moment voor de gevestigde orde. Ze bedreigen reputaties, carrières en structuren die gebouwd zijn op het oude gelijk. Denk aan Galileo, die zag wat niet gezien mocht worden. Denk aan Pasteur: stel dat zijn kiemtheorie niet volledig juist is, wat gebeurt er dan met een hele medische wereld die daarop leunt?
De neiging om consensus te beschermen is menselijk. Het biedt zekerheid en houvast. Maar zodra consensus een dogma wordt, verstikt ze juist datgene wat haar groot maakt: de ruimte om zich te laten corrigeren. Dan verdedigt het systeem niet langer de waarheid, maar zichzelf.
De paradox is helder: vooruitgang vraagt loslaten. Maar systemen die gebouwd zijn op oude zekerheden zullen alles doen om dat loslaten tegen te houden. De waarheid wordt dan niet onderdrukt omdat ze onjuist is, maar omdat ze ontwrichtend is.
Wie werkelijk vrij wil denken, moet dit onderscheid leren zien. Data is een wegwijzer, geen altaar. Consensus is een afspraak, geen eeuwige wet. En waar macht zich vastklampt aan gelijk, ligt vaak de kiem van een nieuw inzicht dat wacht om door te breken.
De NCTV schuift richting een Nederlandse Stasi
De Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) werd in 2005 opgericht na 9/11 en de moord op Theo van Gogh. Het doel was overzicht: een orgaan dat ministeries, politie en inlichtingendiensten op één lijn bracht en het dreigingsbeeld inzichtelijk maakte. Coördinatie, niet opsporing.
Maar vijftien jaar later zien we een gevaarlijk andere realiteit. Uit onderzoek van journalisten bleek dat de NCTV jarenlang burgers, activisten en moskeeën op sociale media volgde, zonder wettelijke grondslag. In plaats van deze praktijken te stoppen, werkt de politiek nu hard om de bevoegdheden van de NCTV achteraf te legaliseren. De coördinator verandert langzaam in een uitvoerende inlichtingendienst — zonder de klassieke waarborgen van toezicht en verantwoording.
Het glijdende pad
Dit is een bekend patroon. Eerst een tijdelijke maatregel, dan een “noodzakelijke” uitzondering, en uiteindelijk een permanente bevoegdheid. Elk incident of dreiging wordt aangegrepen om méér macht vast te leggen. En geen enkele politicus wil het risico lopen dat “hun” veiligheidsorgaan wordt afgeschaft. Veiligheid verkoopt, ook al is absolute veiligheid een illusie.
Het gevaar is niet denkbeeldig. Wie de geschiedenis kent, weet hoe in de DDR de Stasi begon als bescherming tegen vijanden van de staat, maar eindigde als een alomtegenwoordig controle-apparaat dat het maatschappelijk weefsel vergiftigde. Nee, Nederland is de DDR niet — maar de mechanismen van macht en zelfbehoud zijn universeel.
Veiligheid zonder vrijheid is schijnveiligheid
Natuurlijk moeten we alert zijn op terrorisme en geweld. Maar een samenleving die vrijheid opoffert voor een gevoel van veiligheid verliest uiteindelijk beide. Echte veiligheid ontstaat niet door iedereen te monitoren, maar door burgers perspectief, vertrouwen en verantwoordelijkheid te geven.
Als de NCTV werkelijk een coördinator wil zijn, moet het strikt blijven bij die rol: analyseren, verbinden, adviseren. Voor opsporing en inlichtingen bestaan de AIVD en MIVD — mét toezicht, hoe gebrekkig ook. Zodra de NCTV zich buiten dat kader beweegt, is het aan de politiek om paal en perk te stellen.
Tijd voor grenzen
Wat nodig is, is niet méér bevoegdheden, maar duidelijke grenzen:
Onafhankelijk parlementair toezicht.
Strikte datalimieten en bewaartermijnen.
Jaarlijkse, publieke verantwoording.
Sunset-clausules: tijdelijke bevoegdheden vervallen tenzij actief verlengd.
Zonder die waarborgen bewegen we richting een orgaan dat geen verantwoording hoeft af te leggen — en dan is de vergelijking met de Stasi opeens niet meer zo ver gezocht.
De vraag is simpel: willen we een samenleving die haar burgers behandelt als potentiële bedreiging, of één die vrijheid en vertrouwen als basis neemt?
👉 Wil je dat ik dit stuk ook kort herschrijf naar een LinkedIn-post of X-bericht (meer compact, krachtig en deelbaar)?
ChatGPT kan fouten maken. Controleer belangrijke informatie. Zie cookievoorkeuren.
Amsterdam verdient beter dan een zadelbewaker
Amsterdam is door de eeuwen heen een vrijdenkend bolwerk geweest. Een stad waar andersdenkenden, kunstenaars, dromers en vrijheidszoekers hun plek vonden. Waar ruimte was om te experimenteren, te falen, opnieuw te beginnen. Waar de kracht lag in het gedogen en in het vertrouwen dat vrijheid uiteindelijk meer oplevert dan controle.
Juist daarom schuurt het onder het burgemeesterschap van Femke Halsema. Zij lijkt niet de ziel van de stad te bewaken, maar haar eigen positie. Ze is voorbestemd — onderdeel van een systeem dat zichzelf in stand houdt — en staat slechts datgene toe wat haar in het zadel houdt.
Waar Amsterdam hunkert naar lucht en ruimte, kiest Halsema voor beheersing en regels. Waar de stad altijd bekendstond om haar vrijzinnigheid, werd tijdens haar ambtstermijn demonstreren vaak ontmoedigd of hardhandig beëindigd. Het gedogen, ooit de glans van Amsterdam, maakt plaats voor een bestuurlijke kramp.
Een burgemeester van Amsterdam zou beschermer moeten zijn van de vrijheid. Geen zadelbewaker, maar iemand die durft te staan voor het onvoorspelbare, het creatieve, het ongepolijste. Want dát is de ziel van deze stad.
Amsterdam verdient een burgemeester die niet bang is voor vrije geesten, maar ze juist omarmt.
✉️ Brief aan mijn kleinkinderen
Lieve kleinkinderen,
Ik schrijf jullie met spijt in mijn hart. Want ik heb het allemaal zien gebeuren — en deels zelfs meegemaakt. De verschuiving, de transformatie, de grote illusie.
Ooit waren de nutsvoorzieningen van ons allemaal: energie, water, post, spoor. Ze waren gebouwd om ons te dienen, niet om winst te maken. Toen kwam de privatisering — verkocht als vooruitgang, maar in werkelijkheid een uitverkoop. Wat van ons allemaal was, werd leeggezogen door aandeelhouders.
Ik heb de gemeenten zien fuseren, schaal op schaal. Klein werd groot, dichtbij werd ver weg. Tegelijk kregen ze er steeds meer taken bij: zorg, jeugdzorg, participatie. Maar nooit de middelen. Dus gingen de gemeentebelastingen omhoog.
Ik heb de zorg zien veranderen. Van een trots systeem, gedragen door betrokken mensen, naar een hoofdpijndossier vol formulieren, managers en wachtlijsten. Waar vroeger de patiënt centraal stond, staat nu de DBC centraal: een code, een administratief product.
En verpleegkundigen lopen tegenwoordig letterlijk met een iPad op hun arm, niet om betere zorg te geven, maar om elke minuut te registreren, elke seconde verantwoord te maken voor een systeem dat meer waarde hecht aan vinkjes dan aan mensen.
En al die tijd werd ons verteld dat dit de prijs van vooruitgang was. Maar wat laten wij werkelijk achter voor jullie?
Een aarde die zwaar overbelast is.
Een berg schuld, financieel én ecologisch, die jullie moeten dragen.
Een klimaatprobleem dat niet met mooie woorden verdwijnt.
Een overheidsapparaat dat meer lijkt te bestaan voor zichzelf dan voor de burger.
Leeggehaalde nutsbedrijven, waar jullie meer betalen voor minder.
En kijk om je heen: na al die miljarden, al die hervormingen, al die managers en commissies… de trein rijdt nog steeds vijf minuten te laat.
Met spijt moet ik zeggen: een kleine groep heeft er macht en rijkdom bij gekregen, terwijl de samenleving armer is geworden.
Maar lieve kinderen, weet dit: het hoeft niet zo te blijven. Er is een andere weg. Een weg van verantwoordelijkheid, eerlijkheid en gemeenschap. Een weg waar geld weer hard en eerlijk is, waar niemand stiekem meer kan afpakken via inflatie of schuld.
Daarom noem ik jullie dit woord: Bitcoin.
Geen tovermiddel, geen sprookje, maar een kans. Een kans op een systeem dat niet kan liegen, niet kan worden bijgedrukt, en waar de regels voor iedereen gelijk zijn.
Ik hoop dat jullie begrijpen dat mijn spijt niet genoeg is. Maar misschien kunnen jullie, met meer wijsheid en moed, kiezen voor wat wél werkt.
Met liefde en een zwaar maar hoopvol hart,
jullie opa.
#bitcoin #goudstandaard #kleinkinderen #economie
Vignetten, de EU en de prijs van bureaucratie
Ergens tussen Wenen en Zagreb komt de reiziger een onzichtbare muur tegen. Geen slagboom, geen douanier, maar een digitale regel die zijn portemonnee raakt: het Oostenrijkse digitale vignet.
Wie denkt slim en modern te zijn door het vignet online te kopen, loopt vast in een typisch staaltje Europese bureaucratie. Want wat blijkt: een digitaal 2-maanden- of jaarvignet gaat pas op de 18e dag na aankoop in werking. Niet omdat het technisch nodig is, niet omdat de servers tijd nodig hebben, maar omdat Brussel bepaalt dat een consument 14 dagen recht heeft om een online aankoop te annuleren.
In de praktijk betekent dit: wie morgen Oostenrijk in wil, maar vooruit heeft geboekt, kan zijn vignet niet gebruiken. En dus moet je alsnog één of twee 10-dagenvignetten bijkopen. Extra kosten, geen keuze. Dat heet dus consumentenbescherming.
Dit is bureaucratie in zijn zuiverste vorm: een regel die is ontworpen om de burger te beschermen, maar die in de praktijk vooral de staatskas spekt. Een digitale vergunning wordt behandeld alsof het een paar schoenen uit een webwinkel is. Je zou ze kunnen passen, even dragen, en dan terugsturen. Maar een vignet werkt niet zo. Je gebruikt het of je gebruikt het niet — terugdraaien is in wezen onmogelijk. Toch grijpt de EU niet in met een uitzondering, en dus betaalt de reiziger de prijs.
Het wrange is dat dit verhaal niet uniek is. Het is een symptoom van een groter probleem: regels die losgezongen zijn van de realiteit van de mensen voor wie ze zouden moeten werken. Een bureaucratie die zich beroept op principes, maar intussen vergeet dat het doel mensen dienen is.
Europa is prachtig in zijn idee van vrijheid van beweging. Maar vrijheid voelt wrang als ze onderbroken wordt door dit soort regeltjes die je in plaats van ruimte, extra rekeningen geven.
En daar sta je dan, met een keurig digitaal vignet dat ergens in de cloud staat te wachten tot dag achttien. Jij rijdt ondertussen met twee extra stickers achter je voorruit — omdat de EU zo graag je rechten beschermt.
Misschien is het tijd dat we de vraag stellen: beschermen deze regels ons werkelijk, of beschermen ze vooral het systeem zelf?

Goedkope benzine, dure poortjes
Ze zeggen altijd: in Oost-Europa is de benzine goedkoop. En ja hoor, je tankt vrolijk voor €1,40 de liter en voelt je even de koning te rijk. Tot je de snelweg opdraait en merkt dat er achter elke afrit een nieuwe poortwachter staat te wachten. Niet in de vorm van een man met een speer, maar een slagboom die zijn hand ophoudt.
Welkom in de grote illusie van goedkoop rijden door Oost-Europa: je betaalt minder aan de pomp, maar des te meer aan het systeem eromheen.
In Oostenrijk mag je eerst je sticker of digitaal vignet kopen. En als dat nog niet genoeg is, betaal je extra voor tunnels. Want lucht kost blijkbaar ook geld, zolang je er doorheen rijdt.
In Slovenië hebben ze het nog slimmer gedaan: geen stickers meer, maar een digitaal vignet. Makkelijker voor de overheid, net zo duur voor jou.
Kroatië doet niet aan vignetten. Nee, daar schuif je als een kassakoek door tolpoortjes. Alsof je niet op vakantie bent, maar in de rij voor een pretpark — met dat verschil dat de attractie gewoon een rechte weg is.
Het mooiste is de rekensom. Je tankt €20 goedkoper vol dan in Nederland. Je voelt je even slim. Maar na drie grensovergangen ben je €70 kwijt aan stickers, codes, e-vignetten en tolkaartjes. Gefeliciteerd: je hebt de goedkoopste benzine van Europa, en de duurste weg naar je bestemming.
En dan die bureaucratische pareltjes. Koop je in Oostenrijk online een jaarvignet, dan mag je pas na 18 dagen de snelweg op. Want de EU vindt dat je bedenktijd moet hebben. Alsof iemand denkt: ik koop een vignet, gebruik het tien minuten, en stuur het daarna terug omdat het niet paste bij m’n auto.
Maar ach, zo houdt iedereen wat werk. De benzinepomphouder blij, de tolmaatschappij blij, de EU blij — en jij, de automobilist? Jij mag weer doorrijden. Langs het volgende poortje. Met een brede glimlach, want goedkoop rijden was nog nooit zo duur.

Het probleem is niet of de druk uit Washington of Beijing komt.
Het probleem is dat er druk is. En daar zeg ik nee tegen.